Vragen aan… Ilse Karman

ilse karmanNa haar studie Europese studies aan de UVA ging Ilse Karman (1972 ) werken bij Ambo Anthos als Personal Assistant van de directeur/uitgever. Daarna werkte zij bij educatieve uitgeverijen Coutinho en Boom als adjunct-uitgever Communicatie. Daarnaast had ze haar eigen manuscriptbeoordelingsbureau Bureau De Jury. In 2008 startte ze een thrillerfonds bij Uitgeverij Verbum, dat uiteindelijk uitgroeide tot een eigen uitgeverij, De Crime Compagnie.

1. Hoe ben je terecht gekomen in de uitgeverswereld?
Na mijn studie belandde ik heel toevallig als uitzendkracht bij Uitgeverij Ambo/Anthos. Er ging een wereld voor me open. Het idee dat je van je hobby, lezen, je beroep zou kunnen maken. Vanaf dat moment was ik hooked.

2. Wat is de reden dat je voor jezelf bent begonnen als uitgever en dan specifiek op het gebied van thrillers?
In 2008 werd ik gevraagd door de uitgever van Uitgeverij Verbum om daar een fictietak op te zetten. De keuze voor thrillers was snel gemaakt, want sinds mijn eerste baan bij Anthos was dat mijn favoriete genre. Dat was het begin van het imprint Verbum Crime. Toen ik de kans kreeg om het bedrijf zelf te gaan runnen, heb ik die met beide handen gegrepen.

3. Wat zijn de werkzaamheden van een uitgever?
Omdat De Crime Compagnie niet een hele grote uitgeverij is, zijn mijn taken heel divers. Ik hou me bezig met de selectie van boeken, redactie, promotie, marketing, sales, omslagen, productiebegeleiding en bedrijfsvoering. Eigenlijk alles wat er bij het uitgeven van een boek komt kijken.

4. Lees je het hele manuscript of een deel ervan?
Ik lees zeker niet het hele manuscript, maar probeer wel meer dan 1 pagina te lezen in de hoop dat de auteur een langzame starter is. Maar vaak kun je eigenlijk al aan de eerste alinea zien of een auteur kan schrijven. Als dat het geval is, lees ik verder om de rest van het verhaal te beoordelen. Hoe zit het met de spanningsboog, hoe is de plot, is het verrassend? Een manuscript is nooit gelijk helemaal goed. Er zijn altijd verhaallijnen die moeten worden aangepast of personages die moeten worden verdiept. Het is altijd weer fijn als je een mooi manuscript uit de stapel kunt vissen.

5. Wat is de leukste ervaring die je hebt meegemaakt als uitgever?
Ik denk dat de leukste ervaring was dat Linda Jansma De Schaduwprijs won voor Caleidoscoop. Dat was de eerste prijs die een van mijn auteurs won en ik weet nog dat ik het heel spannend vond of ze als genomineerde in de prijzen zou vallen. Maar eigenlijk zijn er heel veel momenten die leuk zijn: fijne inspirerende gesprekken met auteurs, het moment dat je weer een prachtig manuscript leest, een notering in de bestseller 60. IIk denk dat ik echt kan zeggen dat ik de leukste baan van de wereld heb.

5. Wat betekent de samenwerking met boekbloggers en recensenten voor jou?
Bloggers en recensenten zijn heel belangrijk voor ons. Zij brengen onze boeken onder de aandacht van het publiek. Bovendien lezen ze het hele boek en geven vaak heel gefundeerd een mening. Soms vragen we zelfs al in eerder stadium of een blogger of recensent het boek wil lezen, zodat we met het commentaar het boek nog kunnen aanpassen. Het zijn voor ons fijne contacten met vaak veel kennis, die ze ook bereid zijn te delen.

Ilse, bedankt dat je de tijd hebt willen nemen om de vragen te beantwoorden.

©Plien 2014

 

Advertenties

Vragen aan… Linda Jansma

jansma350-2Linda Jansma (1967) schrijft al sinds haar kinderjaren, eerst voornamelijk voor zichzelf, later ook voor vrienden en in de schoolkrant. Op haar twaalfde stuurde ze haar eerste manuscript, een jeugdboek, naar een uitgeverij. Het werd niet uitgegeven, maar de positieve reacties over haar fantasie en schrijfstijl zijn sindsdien haar drijfveren geweest om verder te schrijven.

In 2009 veroverde ze een vijfde plaats bij de schrijfwedstrijd Beste Manuscript, waarna het niet lang duurde voordat ze in 2010 met haar eerste thriller Caleidoscoop debuteerde bij uitgeverij De Crime Compagnie (voorheen Verbum Crime). Met dit boek won ze de Schaduwprijs 2011, de prijs voor het beste Nederlandstalige spannende debuut en stond ze op de longlist van de Gouden Strop. Het boek is inmiddels vertaald in het Engels.
Op 11 februari 2012 verscheen Tweestrijd. Ook dit boek kreeg en krijgt nog steeds vele lovende reacties van pers en lezers. Het boek werd genomineerd voor de Crimezone Thriller Award en eindigde op de derde plaats in de categorie Nederlandstalig.
In oktober 2012 kwam Houvast in de winkels te liggen. Nog voordat het boek uitkwam, was de eerste druk al uitverkocht en reeds in de eerste week na verschijning waren de lovende reacties al in de pers en op internet te vinden. Inmiddels zijn er al meer dan 10.000 exemplaren van verkocht en kwam het boek op de longlist van de Diamanten Kogel terecht, de prijs voor de beste Vlaamse thriller.
Schuilplaats, Linda’s vierde boek, verscheen in oktober 2013 en kreeg tot nu toe alleen maar lovende recensies. In maart 2014 komt haar vijfde thriller op de markt, met als titel Doelwit. Inmiddels schrijft Linda alweer aan haar zesde boek.

Wanneer Linda niet aan haar manuscripten werkt, schrijft ze in opdracht commerciële teksten. Haar specialisme ligt op het veterinaire vlak, maar haar interesse is veel breder. Daarnaast werkt ze tweeënhalve dag per week in haar eigen hondentrimsalon.

Ik heb ‘Schuilplaats’ van Linda Jansma gelezen. Na aanleiding daarvan heb ik haar paar vragen per e-mail gestuurd. Wil je weten wat ik van het boek vond, lees dan mijn schuilplaatsrecensie over het boek.

1. Hoe ben je op het idee gekomen om in positieve belichting te schrijven over pleegouders en Jeugdzorg?
Ik merkte de laatste jaren dat Bureau Jeugdzorg wel heel erg slecht werd afgeschilderd, niet alleen in de media, maar ook gewoon onder de mensen. En dat vond ik jammer, want Jeugdzorg doet ook heel veel goed werk. Helaas worden altijd alleen de negatieve dingen over de instelling breeduit toegelicht, zonder dat men stilstaat bij het feit dat men nooit alle gegevens kent om tot een objectieve mening te komen. Ik vond dat de positieve kant van de jeugdzorg ook wel eens aan bod mocht komen en dat heb ik gedaan in Schuilplaats.

2. Op wat voor manier heb je onderzoek gedaan voor het boek ‘Schuilplaats’?
Tijdens het schrijven heb ik vaak contact gehad met een vrouw, die samen met haar man een aantal pleegkinderen onder haar hoede heeft. Dit zijn allemaal kinderen uit de opvoedingsvariant, waarbij de kinderen eigenlijk hun hele kindertijd bij de pleegouders verblijven. Daarnaast bieden ze ook nog ruimte aan kinderen voor crisisopvang. Dan krijgen ze dus één of meerdere kinderen tijdelijk in huis tot ze ofwel weer terug naar huis kunnen, of worden geplaatst in een vast pleeggezin. Deze pleegmoeder heeft me alle ins en outs van pleegzorg verteld en een aantal dingen in Schuilplaats komen ook rechtstreeks uit haar leven. De verhaallijn van de drie zusjes zijn ook enigszins gebaseerd op een situatie die bij haar in het gezin plaatsvond.
Daarnaast heb ik gesproken met een gedetineerde die in de laatste fase van zijn opgelegde straf zat. Zo kwam ik meer te weten over het leven achter de gevangenismuren.

3. Hoe ben je in aanraking gekomen met mensen die jou informatie hebben kunnen geven die je nodig had voor je boek?
Het pleeggezin leerde ik kennen via een vriendin. Zij had naast hen gewoond en kende hen goed. Tijdens een weekendje dat ik bij haar was, zijn we bij het pleeggezin op bezoek geweest en terwijl we daar waren, was er ook een klein meisje bij hen in crisisopvang. Het verhaal van dat meisje leidde uiteindelijk tot de verhaallijn van Schuilplaats.
Met de gedetineerde die ik gesproken heb kwam ik in aanraking door een andere vriendin. Zij is auteur van true crime boeken en werkt in de gevangeniswereld. Zij regelde voor mij een rondleiding door de gevangenis Noordsingel in Rotterdam en aansluitend een gesprek met de gedetineerde.

4. Heeft deze informatie ook de verhaallijn bepaald? Zoals Mike, die in de gevangenis zit?
Het verhaal van de drie zusjes is inderdaad gebaseerd op de informatie die ik van de pleegmoeder kreeg. Natuurlijk niet tot in details, maar wel globaal. Het verhaal van Mike is grotendeels verzonnen, maar het dagelijks leven in de gevangenis is wel afgeleid van wat hij me verteld heeft.

5. In maart komt weer een nieuw boek van jou uit. Kan je in het kort vertellen waar het over gaat?
Het boek dat in maart uitkomt is mijn vijfde thriller en heeft als titel Doelwit. Het gaat strikt genomen over eerwraak. Niet alleen over wat dat voor gevolgen heeft voor het slachtoffer, maar ook voor de personen die er – al dan niet bewust – bij betrokken zijn.

Linda, bedankt dat je de tijd hebt willen nemen om de vragen te beantwoorden.

©Plien 2013

Foto en cover van internet

Vragen aan… Juliet Marillier

JM with Harry smallerBio:
Juliet Marillier is geboren en opgegroeid in Dunedin, Nieuw-Zeeland en woont nu in West-Australië. Haar historische fantasy romans voor volwassen en jeugd zijn vertaald in vele talen en zij heeft diverse awards gewonnen, waaronder Aurealis, de American Library Association’s Alex Award, de Sir Julius Vogel Award en de Prix Imaginales. Haar diepgewortelde liefde voor folklore, sprookjesverhalen en mythologie is van grote invloed geweest op haar romans. Wanneer zij niet bezig is met schrijven, heeft Juliet de neiging tot het maken van “rugzak”-trektochten.
Lees meer over op http://www.julietmarillier.com

1.       Hoe bent u op het idee gekomen om ‘de Zeven Wateren’ serie te gaan schrijven?
Het sprookje ‘De zes zwanen’ was mijn favoriete kinderverhaal. Ik houd van die sterke vrouw die in dit verhaal centraal staat en de mysterieuze zwaantransformatie. Het is een verhaal vervuld van drama en spanning. Vaak heb ik mij afgevraagd hoe het zou zijn wanneer de dramatische gebeurtenissen van dit sprookje zouden hebben plaatsgevonden in een echt gezin. ‘Dochter van het woud’ was het resultaat van mijn poging om deze vraag te beantwoorden.
Hoewel het verhaal was is gebaseerd op een Duits Germaans verhaal, koos ik voor een Ierse omgeving omdat de zwanen zo duidelijk verbonden zijn met de Ierse mythologie.

De roman groeide uit tot een serie toen ik besefte dat de invloed van deze dramatische gebeurtenissen ook uitwerking heeft zou kunnen hebben op meerdere generaties van het gezin.

2.       Wat is de reden dat je graag over mythes, legend en mystiek schrijft?
Ik heb vanaf mijn jongste jaren gehouden van mythes en legendes, folklore en sprookjesverhalen en bestudeerde het mijn hele leven. Ik geloof dat de traditionele verhalen ons veel kan kunnen leren over onze eigen tijd en cultuur, de wijsheid in de verhalen is universeel. Het voelde voor mij natuurlijk aan om verhalen te schrijven die deze tradities reflecteren en thema’s bevatten die belangrijk voor mij zijn, zoals de manier waarop mensen reageren op uitdagingen – vinden ze hun innerlijke kracht, zijn ze beschadigd, hoe goed kunnen ze ermee omgaan?

Ik studeer ook graag geschiedenis, speciaal over de periode waar weinig over geschreven is. Die tijdsperioden en plaatsen zijn een vruchtbare basis voor een schrijversfantasie.

3.      Hoe doe je onderzoeken voor je boeken?
Deze dagen Tegenwoordig ben ik nauwkeuriger in mijn onderzoeken, omdat ik toch wat fouten heb gemaakt in mijn eerdere boeken. Voor ik ga schrijven lees ik veel over historische achtergronden en bestudeer de mythologie en cultuur uit die tijd. Voor sommige romans zijn er specifieke onderzoeken nodig – bijvoorbeeld, toen ik mijn roman Hartbloed schreef, waarin het centrale karakter is een schrijver is, moest ik veel leren over kalligrafie uit de middeleeuwse tijdsperiode. Voor de boeken waar vechtscènes in voorkwamen, moest ik onderzoek doen over wapens, uitrustingen en tactieken.

Ik reis, als ik kan, ook naar de plaatsen waar het verhaal zich afspeelt. Onderzoeken brachten mij naar ongewone plaatsen, zoals Transylvanië, Istanbul en de Faroër eilanden. Bezoeken van de locaties voegt een hele nieuwe dimensie aan schrijven toe.

4.      Wat voor boeken lees je graag?
Ik lees bijna van alles, vooral fictie. Ik lees een kleine selectie aan fantasy boeken, van de auteurs die ik goed vind, zoals Jacqueline Carey en Joe Abercrombie. Maar voor ontspanning lees ik meer algemene fictie, enkele van mijn favoriete auteurs zijn Iain Banks, Kerry Greenwood, Kare Morton, Jodi Picoult en ook klassieke auteurs zoals Dorothy L. Sayers en Daphne de Maurier. En ik lees nog steeds sprookjesverhalen en mythologie!

Ik wil mijn vader en zijn vriend/zakenpartner bedanken voor het helpen met vertalen.

©Plien 2013

foto copyright ligt bij de auteur.

Ask to… Juliet Marillier

JM with Harry smallerBio:
Juliet Marillier was born and brought up in Dunedin, New Zealand, and now lives in Western Australia. Her historical fantasy novels for adults and young adults have been translated into many languages and have won a number of awards including the Aurealis, the American Library Association’s Alex Award, the Sir Julius Vogel Award and the Prix Imaginales. Her lifelong love of folklore, fairy tales and mythology is a major influence on her writing. When not busy writing, Juliet tends to a small pack of waifs and strays. Find out more at http://www.julietmarillier.com

1.    How did the idea occur to you to write the Sevenwaters series?
The fairy tale The Six Swans was a childhood favourite of mine. I love the strong female character at the centre of this story, and the mysterious swan transformation. It’s a story full of drama and tension. I have often wondered what it would be like of the dramatic events of a fairy tale like this happened to a real family, and Daughter of the Forest was the result of my attempting to answer that question. Although the fairy tale on which the novel is based is a Germanic story, I chose the Irish setting because swans are so significant in Irish mythology.
The novel grew into a series when I realised that the impact of those dramatic events would affect the family for more than one generation.

2.    What is the reason that you love to write about myths, legends and mystics?
I’ve loved myths and legends, folklore and fairy tales since I was very young and have studied them all my life. I believe traditional stories have a lot to teach us about our own time and culture – the wisdom in them is universal. It felt natural for me to write stories that reflect those traditions and include themes that are important to me, such as how people respond to challenges – do they find their inner strength, are they damaged, how well do they cope?
I also love studying history, especially of those periods which have few written records. Those times and places are fertile ground for a writer’s imagination.

3.    How do you carry out the research for your books?
These days I am quite thorough about my research, though I made some errors in the earlier books. I read a lot of historical background before I start to write, and I study the mythology of the time and culture. For certain novels there are specific kinds of research required – for instance, when I wrote a novel called Heart’s Blood, in which the central character is a scribe, I had to learn a lot about calligraphy in the medieval period. For books with battle scenes I need to research weapons, armour and tactics of the period. And so on.
I also travel to the places where the book is set, if I can. Research has taken me to some unusual places such as Transylvania, Istanbul and the Faroe Islands. Going to see the locations adds a whole new dimension to the writing.

4.    What kind of books do you prefer to read?
I read quite widely, mostly general fiction – I read only a small number of fantasy books, usually by authors I especially like such as Jacqueline Carey and Joe Abercrombie. But most of my recreational reading is what you might call mainstream fiction – some of my favourite writers are Iain Banks, Kerry Greenwood, Kate Morton, Jodi Picoult, and also classic writers like Dorothy L Sayers and Daphne du Maurier. And I still read fairy tales and mythology!

Juliet, thank you so much for your time to answer the questions.

©Plien 2013

Photo copyright belongs to the author.

Ask to… Lisa Unger

lisa ungerLisa Unger is an award-winning New York Times and internationally bestselling author. Her novels have sold more than 1.5 million copies and have been translated into twenty-six different languages. Her writing is hailed as “stellar” (USA Today), “sensational” (Publishers Weekly) and “sophisticated” (New York Daily News) with “gripping narrative and evocative, muscular prose” (Associated Press).

I have read her book Heartbroken in Dutch. My review is in Dutch.Verdronken-hart-600

1. How did you get the idea for this book to have an island play an important role?
There were two locations that served as inspiration for the island and the story itself in HEARTBROKEN.  I visited an island owned by my family in Canada.  And I spent some time in Alaska, vacationing at a place called the Katchemak Bay Wilderness Lodge. Both of these places possessed a wild natural beauty. But I also sensed a kind of primal darkness.  These isolated settings, combined with the family dynamics that played out there, were the first germs for HEARTBROKEN.

2. Which of the female characters comes closest to yourself and why?
I don’t consider myself to be like any of the characters in HEARTBROKEN or any of my books. Each of my characters feels like a real and unique person whom I have met, rather than someone I have created.  But of course, they are all compilations of my imagination, my experiences, my observations, and theories on why people do the things they do.  But no character is modeled on any one person, and none of them is me precisely – though part of me lives in all of them.

3. How do you carry out the research for your book?
I generally take a three-pronged approach to research. Most of my research starts with the Internet — that’s where all my initial questions get answered.  If I need more, I’ll move on to books written on my particular subject matter.  And after that, I will find an expert willing to speak to me and answer my questions.  It is possible to put too much research into your novels, but it is not possible to know too much about your subject matter.  You have to know a great deal to make even the simplest things ring true.

4. What kind of books do you like to read?
I read widely within and without the crime fiction genre.  I am a non-fiction junkie, and read everything from psychology textbooks to books on science and history.  Some of my favorite authorsin crime fiction are Karin Slaughter, Laura Lippman, Kate Atkinson, Michael Connelly and Dennis Lehane – to name only a few. I am currently reading the The Game of Thrones series by George R. R. Martin, as well as Harlan Coben’s SIX YEARS.

Lisa, thank you so much for taking time to answers my questions.

©Plien 2013

pictures from Internet

Vragen aan… Lisa Unger

lisa ungerLisa Unger is een award winner New York Times- en internationale bestsellers auteur. Van haar boeken zijn er meer dan 1.5 miljoen verkocht en vertaald in 26 verschillende talen.
Haar boeken worden door (USA Today) “met sterallure”, “sensationeel” (Publishers Weekly) en “verfijnde smaak”(New York Daily News) met “boeiend, verhalend, levensecht en krachtig proza,” begroet.  (associated Press).

Ik heb ‘Verdronk hart’ van Lisa Unger gelezen. Na aanleiding daarvan heb ik haar paar vragen per e-mail gestuurd. Wil je weten wat ik van het boek vond, lees dan mijn recensie over het boek.Verdronken-hart-600

1. Hoe ben je op het idee gekomen om een eiland een belangrijke rol te laten spelen?
Er waren twee locaties in Verdronken Hart, die inspiratie opleverden voor het eiland en het verhaal zelf. Ik heb een eiland bezocht dat in het bezit is van mijn familie in Canada. En ik heb wat tijd in Alaska doorgebracht bij een plaats die “the Katchemak Bay Wilderness Lodge” heet. Beide plaatsen bezitten een wilde natuurlijke schoonheid. Maar ik voelde ook een oer-duisternis. Deze geïsoleerde omgeving, gecombineerd met de familiedynamiek, die zich daar afspeelde, waren de eerste kiemen voor Verdronken Hart.

2. Welke van de vrouwelijke karakters is het dichtst bij jezelf en waarom?
Ik zie mezelf niet terug in de karakters van Verdronken Hart of in die van ieder ander karakter in mijn boeken. Elk karakter voelt aan als een echt en uniek persoon die ik ontmoet heb, meer dan van iemand die ik heb gecreëerd. Maar ze zijn vanzelfsprekend ontstaan uit mijn fantasie, mijn ervaringen, mijn observaties en mijn theorieën over waarom mensen doen wat ze doen. Maar geen karakter staat als model van wie dan ook en geen van hen is exact wie ik ben, ofschoon een deel van mijzelf in hun allemaal leeft.

3. Hoe doe jij je onderzoek voor het boek?
Over het algemeen gebruik ik bij mijn onderzoek een benadering op drie punten. Het grootste deel van mijn onderzoek begint met Internet; daar vind ik een eerste antwoord op al mijn vragen. Als ik meer nodig heb, stap ik over naar boeken op die gaan over het onderwerp waar ik over wil schrijven. Daarna zoek ik een expert op die bereid is om er met mij over te praten en mijn vragen te beantwoorden. Het is mogelijk dat je teveel onderzoek verwerkt in je romans, maar het is niet mogelijk dat je teveel weet over het onderwerp. Je moet veel weten om de simpelste dingen werkelijk te laten kloppen.

4. Welke boeken lees je graag?
Ik lees veel zowel in als buiten het crime fiction genre. Ik ben een non-fiction-junkie en lees alles van psychologische boeken tot boeken over wetenschap en geschiedenis. Enkele van mijn favoriete auteurs in het genre crime fiction zijn Karin Slaughter, Laura Lippman, Kate Atkinson, Michael Connelly en Dennis Lehane, om er maar een paar te noemen. Op dit moment lees ik ‘Het spel der tronen’ van George R.R. Martin en ‘Zes jaar’ van Harlan Coben.

Lisa, bedankt dat je de tijd wilde nemen om mijn vragen te beantwoorden.

©Plien 2013

fotot en bookcover van internet

Vragen aan… Kind Kind

wendel en dennis kindIn 2001 beginnen Dennis en Wendel hun carrière met de oprichting van een internetbedrijf, waaronder verschillende nieuwssites vielen. Bijna tien jaar lang hielden zij zich bezig met het brengen nieuws over mode, kunst, uitgaan en design, met een enthousiast redactieteam in het hart van Amsterdam. Na de verkoop van de sites hebben Dennis en Wendel bijna 3 jaar ieder hun eigen carrière pad gevolgd, Dennis o.a. als algemeen directeur bij een uitgeverij in kunstboeken, Wendel had haar eigen marketing bureau. De passie voor kunst en schrijven maakte dat ze in de avonduren en op vrije dagen, samen aan het boek werkten. Het project nam met de tijd steeds grotere vormen aan, met als eindresultaat dit geweldige boek.

Ik heb ‘Secret Scouts en de verloren Leonardo’ van Kind Kind gelezen. Na aanleiding daarvan heb ik haar paar vragen per e-mail gestuurd. Wil je weten wat secret scoutsik van het boek vond, lees dan mijn recensie over het boek.

1. Hoe is het om samen een boek te schrijven?
Omdat we allebei een nogal rijke fantasie hebben is het fantastisch om daar ook actief iets mee te kunnen doen. We hebben daardoor altijd wel iets samen te bespreken. Allerlei voor andere mensen meestal onopvallende details, zijn voor ons al aanleiding om over na te denken en te bespreken of we dat in het verhaal kunnen verwerken; een gek loopje van iemand op straat, exotisch fruit bij de groenteboer, een bericht in de krant over een gestolen schilderij. Dat maakt het ontzettend leuk.

2. Kunnen jullie vertellen hoe dat te werk gaat, samen een boek schrijven? Verdelen jullie dan de taken en dergelijke?
In het allereerste begin van het proces hebben we samen de grove verhaallijn bedacht. Toen zijn we research gaan doen, daar is heel veel tijd in gaan zitten omdat de feiten natuurlijk echt helemaal moeten kloppen. Naar aanleiding van de research kwamen ook weer punten naar voren die het verhaal automatisch een nieuwe wending gaven. We hebben zelfs een moodboard gemaakt van sferen en locaties, zodat we zeker wisten dat we precies dezelfde beelden voor ogen hadden bij het schrijven. Pas toen we tevreden waren over de grove lijn, de feiten klopten en we enkele details hadden ingevuld zijn we gaan schrijven. Dennis schreef over het algemeen vooruit, Wendel volgde met details, vulde aan of schrapte juist overbodige passages.

Tijdens het proces hebben we steeds allerlei mensen laten proeflezen. In het begin 5 leerlingen uit groep 8 van de Gooische School en 5 volwassenen o.a. een psycholoog, een huismoeder en een kunsthistorica. Dit leverde heel verschillende feedback op rond details, maar allemaal waren ze meteen heel enthousiast over de verhaallijn. Enkele details hebben we aangepast naar aanleiding van de feedback. Toen hebben we het aan groep 7 & 8 van de Gooische School laten lezen. Ze hadden slechts een week om het te lezen. Toen we de klas inliepen voor de eindbespreking stonden ze op de banken zo enthousiast waren ze! Ze begonnen zelfs over wanneer de verfilming klaar zou zijn! Geweldig, vooral ook omdat het boek naast dat het een heel spannend verhaal is ook stiekem echt heel informatief is!

3. Hoe zijn jullie op het idee gekomen om Leonardo da Vinci in het boek te verwerken?
We hadden al heel lang het idee, vanwege onze gezamenlijke voorliefde voor kunst en geschiedenis, om als we ooit een boek zouden gaan schrijven, daar kunst in te verwerken. We hadden eigenlijk een andere kunstenaar voor ogen, maar in de loop van ons onderzoek stuitten we steeds vaker op eigenaardigheden rond Leonardo Da Vinci. Daar hadden we op een bepaald moment zoveel ideeën bij, dat het verhaal om die merkwaardigheden heen is geschreven. Als je gaat graven in de geschiedenis kom je echt veel vreemde onopgeloste vraagstukken tegen, wat dat betreft zouden we nog wel honderd verhalen kunnen schrijven.

4. Hoe hebben jullie het materiaal verzameld voor je boek, vooral over Leonardo da Vinci?
Allereerst is internet een geweldige bron. Van Wikipedia tot vreemde filmpjes van mensen over ufo’s in oude kunstwerken, alles hebben we doorplozen. Daarnaast heel veel boeken over Leonardo Da Vinci, maar ook over de renaissance en andere prominente tijdsgenoten.

Dennis en Wendel, bedankt dat jullie de tijd hebben willen nemen om de vragen te beantwoorden.

©Plien 2013

Auteurs foto van http://www.secretscouts.com
boekcover van goodreads.com