Brief aan dhr. Staal

Beste meneer Staal,

Ik heb uw boek ‘De gelukkige klas’ gelezen. U heeft tijdelijk een dagboek bijgehouden over het wel en wee van u en uw klas. Hoe u de leerlingen in diverse situaties en problemen benadert. Het is duidelijk dat u een onderwijzer met hart bent. En ik heb het met plezier gelezen.

U leert Frans om op een school met hogere standaard te kunnen werken. Want dat betekent dan meer inkomen. Uw vrouw de gelukkige klasziet dat wel zitten, maar volgens mij vindt u het wel prettig waar u nu werkt. U wilt eigenlijk uw klas niet in de steek laten, bewonderenswaardig.

U wordt zelfs boos als u vrouw zich negatief uitlaat over uw klas.
Hier een paar voorbeelden uit uw dagboek:

‘Nou, geef er dan geen één op, het is immers tóch niks voor dat soort kinderen bij jullie op school.’

Of

‘Ja, ’t ís feitelijk ’n wanhopige school bij jullie hé?’

Of

‘Maar wie weet hoe gauw je d’r vanaf bent, hé. Als je eenmaal je Franse akte hebt, dan zal je wel gauw aan een betere school…’

Na die laatste opmerking werd u boos en bent u weggelopen. Het is duidelijk dat u en uw vrouw niet op één lijn staat op dat gebied. Dat zij eigenlijk uw liefde voor de klas niet begrijpt. Maar u ziet hoe de kinderen zich ontwikkelen. En die ontwikkeling wilt u blijven volgen tot ze naar een andere school gaan. Dan pas wilt u wel op een ander school werken.

En ook al die dilemma’s waarvoor u probeert een juiste oplossing te vinden. Zoals die vechtpartij tussen Kris en Jan. Het is dag voor vakantie en u geeft aan dat het de manier waarop u ze zou straffen niet kan. Ik herhaal even uw zin uit uw dagboek hoe u ze normaal zou straffen,

‘eigenlijke straf in een soort mokken, in een dagenlang de zondaars doen gevoelen, het is tussen jullie en mij nog aldoor niet in orde; en dan zo langzamerhand trek je bij, ga je vergeten.’

Uiteindelijk besluit u ze allebei een 0 te geven voor hun werk. De klas vond dat een gerechtvaardig straf en blij dat er straf is uitgedeeld.

De bibliotheek heeft u ook wat kopzorgen opgeleverd. Vooral toen u er achter kwam dat ze u hadden bedrogen, vooral de meisjes uit uw klas. U kwam erachter doordat u de catalogus van Daatje had gezien en Daatje heeft meer titels doorgestreept dan zij heeft gelezen.

‘Maar tegelijk viel het me op dat er al zovéél titels waren doorgehaald, veel meer dan van de stuk of zeven die Daatje gelezen kon hebben.’

En zo kwam u er achter dat meer dan de helft van uw klas boeken door de weeks met elkaar ruilden en dat is tegen de afspraak. Ook dat heeft u mooi opgelost door te zeggen dat niemand dit keer een boek mee mocht nemen.

Door uw dagboek ben ik anders gaan kijken naar mijn docenten, vooral in de laatste jaren van de lagere school.

Kortom, ik heb erg genoten van uw dagboek. Ik hoop dat u het mij niet kwalijk neemt dat ik het heb gelezen. Maar het is een boek wat iedereen wel leuk zou vinden. Wel vind ik het een trieste afsluiting. Een afsluiting die ik niet had verwacht.

Met vriendelijke groet,

Plien

Gelezen in het kader van Augustus Klassiek Literatuur Maand.

Auteur:
Theo Thijssen

Titel:
De gelukkige klas

ISBN:
978 90 5965 055 8

Uitgever:
Athenaeum

Genre:
Roman

Uitgave:
Paperback, 207 pagina’s

 

Verschenen:
2007

 
Advertenties

6 thoughts on “Brief aan dhr. Staal

  1. Inderdaad een erg originele recensie, maar dat had ik in eerste instantie niet door 😉 Lijkt me een boek wat ik maar eens op mijn lijstje moet zetten, want ik word wel nieuwsgierig naar dhr. Staal en zijn klas.

  2. Pingback: Gelezen in augustus | Met mijn neus in een boek

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s